Luwtebeplanting als voorbeeld van een integrale benadering van mobiliteit

Regionaal MobiliteitsPlan biedt nieuwe kansen voor de fiets

Het Regionaal Mobiliteits Plan moet de opvolger worden van het Provinciaal Verkeers en Vervoersplan. De aanleiding is echter heel anders: het klimaatakkoord. Dit betekent meer dan ooit een integrale benadering van verkeer en vervoer. Een ommekeer in het mobiliteitsbeleid. Een reactie op de startnotitie.

Simple solution to the world’s problems

Een RMP als een opdracht uit het klimaatakkoord wat tegelijkertijd moet bijdragen aan de leefbaarheid, verkeersveiligheid, bereikbaarheid en de gezondheid van mens en gebied. Een RMP dat in het beleidsproces, de opvolger wordt van het PVVP en een prominente plek heeft in de omgevingsvisie.

Dat kan niet anders betekenen dat de fiets en ook het lopen en wellicht nog meer vormen van duurzame actieve mobiliteit, prioriteit nummer 1 worden in het nieuwe mobiliteitsbeleid van onze provincie.

In de vandaag eerder besproken startnotitie fiets, is in hoofdstuk 6 een prachtige relatie gelegd tussen de fiets en de 17 SDG’s, oftewel de wereldwijde vastgestelde duurzaamheidsdoelen. Aan maar liefst 13 van de 17 kan de fiets een bijdrage leveren. Noem mij 1 ander beleidsinstrument wat hier ook maar een beetje bij in de buurt kan komen!

Natuurlijk zijn wij hier als Fietsersbond hartstikke blij mee. Voor ons is die integrale benadering altijd het idee geweest om fietsen te stimuleren. Alleen kwamen wij nooit verder dan de afdeling verkeer en vervoer om mee te praten. Die oorspronkelijk de fiets vooral beschouwden als een handig middel om van a naar b te komen, vanuit het vervoer motief woon-werk, wat slechts 20% van het totaal aantal verplaatsingen uitmaakt.

Alle andere hiervoor genoemde beleidsterreinen hebben de fiets nooit scherp in beeld gehad. Wij verwachten dat dit met het RMP gaat veranderen.

Wij zien kansen! Aan de hand van een praktisch voorbeeld zal ik dit proberen te verduidelijken.

Luwte beplanting
Eén van de meest genoemde nadelen van fietsen in Frysân is de wind. En dat is ook het beeld dat Fryslân bij niet-Friezen oproept, met uitzondering van het coulissenlandschap van De Wouden. Een enigszins monotoon landschap met zeker voor fietsers altijd wind op de kop. Niet bepaald een unique selling point.

Bewust en onbewust hebben ook onze dagelijkse fietsers daar veel last van. Uit eigen ervaring denk ik bijv. aan fietsen van Hollum naar de veerboot op Ameland. Wij pleiten al jaren voor meer luwte beplanting om het fietsen aantrekkelijker te maken. In de oude context was dit waarschijnlijk onvoldoende argument om massaal over te gaan op luwte beplanting. Als je het instrument luwte beplanting nu loslaat op meerdere maatschappelijke thema’s, ontdek je wellicht dat dit mes aan vele kanten snijdt.

Luwte beplanting kan ook een instrument zijn om de biodiversiteit te verbeteren. Nu al ervaren we de biodiverse bermen in Fryslân als oasen in de woestijn. Dat kan met een ecologisch bermbeheer toegepast op luwte beplanting een boppeslach zijn.

Luwte beplanting maakt ons landschap ook ruimtelijk aantrekkelijker. De kenners roemen de schoonheid van onze Wouden. Niet heel Fryslân hoeven wouden te worden, maar de gemiddelde toerist / recreant wordt wel gelukkiger van meer diversiteit in flora dan van het monotone raaigras, of erger nog, weiden vol zonnepanelen. Niet voor niks is het woord landschapspijn een Friese uitvinding. Een fraaier landschap zorgt voor meer recreatie en toerisme. Zowel goed voor onze gezondheid als een impuls voor onze economie.

Luwte beplanting heeft visueel het effect van optische vernauwing van ons wegennet. Dit zorgt ervoor dat er op onze wegen minder hard wordt gereden. In de verkeerspsychologie heeft dit zelfs een uitdrukking gekregen: natuurlijk sturen. De snelheid van het gemotoriseerde autoverkeer is cruciaal voor de verkeersveiligheid. Minder verkeersslachtoffers dus.

Tenslotte kan luwte beplanting rechtstreeks worden ingezet om de CO2 uitstoot terug te dringen. Meer flora is minder CO2. De basis van het RMP.

Vergelijkbare multi doelen instrumenten zijn er ongetwijfeld legio. Denk hierbij bijv. aan instrumenten en concepten zoals de compacte stad, green deals, fietsvriendelijke bedrijven en organisaties, ombouwen van cultuurhistorische tram- en trein tracés tot fiets- en wandelpaden, de invoering van ISA.

De uitdaging in het RMP ligt volgens ons in het kiezen van de juiste maatregelen. Niet verzanden in bureaucratie en bestuurlijke compromissen zonder keuzes; ga op zoek naar het mes dat aan vele kanten snijdt.

Categorieën

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *